De weken zijn voorbij gevlogen. We vliegen dinsdag weer naar Goroka na slechts 4 weken hier. Dat is inderdaad snel gegaan! We hadden sowieso al een vlucht naar Goroka staan voor begin oktober voor de jaarlijkse conferentie. We hebben echter besloten de zaken wat te vervroegen omdat ons leiderschapsteam vond dat het wijs was om wat tijd apart te zetten voor onze teamrelatie.

We zitten met wat terugkerende wrijving waar we even mee aan de slag moeten. Nu we dichterbij het punt komen waarop we lees- en schrijflessen gaan voorbereiden, komen we niet toe aan het oplossen van wrijving over hoe we bepaalde woorden moeten spellen en we willen daar graag gewoon even de tijd voor nemen.

Dit zijn coole beestjes

Dus zijn we in Goroka vóór de conferentie om daarmee aan het werk te gaan, dan hebben we even vakantie (want dat is tijdens de ALW niet gelukt!) en dan de conferentie. We hebben de vlucht terug geboekt voor de dag na de conferentie. We bidden voor productieve vergaderingen en dat de voortgang van onze discussieanalyse voorspoedig mag blijven gaan.

Ik moet toegeven dat ik me tamelijk ontevreden voel over die discussieanalyse. Ik zit dag na dag teksten in kaart te brengen en rapporten te schrijven. Ik denk dat ik rapportmoe ben. Onze fonemische en grammaticale rapportages zitten erop, de culturele, daar zijn we mee bezig en dan nu de discussieanalyse. Ik heb het gevoel dat het ook een stuk minder zou kunnen. Ik voel me nogal zinloos als mensen op bezoek komen en ik zit daar teksten in kaart te brengen en opstellen te schrijven. ‘Ik ben bezig met een rapport’ vertel ik hen dan, en ik voel me dan zo schuldig dat we daar al twee jaar fulltime aan hun taal zitten te werken en ik nog steeds niet klaar ben met rapporten schrijven – en een lees- en schrijfles nog geen stap dichterbij lijkt.
We gaan vooruit, en mijn spreekvaardigheid gaat geleidelijk (langzaam) vooruit, maar omdat ik de laatste tijd meer achter de computer zit dan dat ik op pad ben en met mensen spreek, ben ik er toch niet helemaal gelukkig mee.

Alice en Millie “werken” aan hun tafel

Het duurt gewoon allemaal zo lang en soms denk ik dat ik door de bomen het bos niet meer zie. De laatste tijd zit ik steeds uren te staren naar voorbeelden van ‘om’ dit en ‘nom’ dat, om erachter te omen hoe dat nou zit. Wordt ‘om’ nou gebruikt in plaats van ‘onn’ (hij) als voornaamwoord voor personen die al eerder in de tekst voorkwamen? Geeft ‘nom’ een nadruk aan? En als dat zo is, hoe is dat dan anders dan een focus aangeven? Zijn het vervoegingen van hetzelfde woord, of zijn het helemaal andere woorden, aangezien ze iets anders aangeven? Als ik het eenmaal zie, dan weet ik eigenlijk wel zeker dat de Kovol-gewoonte om ‘om’ en ‘nom’ overal tussen te gooien alsof het een salade is, in feite een heel simpel patroon blijkt te zijn dat ik makkelijk na kan doen. Tot de openbaring komt, blijf ik naar het scherm van mijn laptop staren en het rapportgedeelte herschrijven over ‘lexicale vervanging als een samenbindingselement in verhalende teksten’, wat ik eigenlijk gisteren wilde afmaken, maar wat dus nog niet klaar is.

Dus nog geen spannende berichten over naderbij komende lees- en schrijflessen in Kovol, maar volgende week hebben we wel een voetbaltoernooi. Ons dorp heeft 3 teams ingeschreven (inschrijfgeld K150 per team) en de mannen zijn naar de stad gelopen om voetbalschoenen te kopen met hun vanillegeld. Er is een regel: geen voetbalschoenen? Dan mag je niet meedoen. Ieder van de Kovoldorpen stuurt 2-3 teams in de hoop op het prijzengeld van K700, en uit allerlei andere taalgebieden komen ook teams.
Als er zo veel mensen bij elkaar komen en er ook nog geld aan te pas komt, vroeg ik of ze geen groot gevecht zagen aankomen. Daar bleek al over nagedacht te zijn. Als je tijdens een wedstrijd iets lelijks zegt tegen een tegenstander krijgt je team K50 boete, en als iemand een gevecht begint op het veld kost dat het team K100. Fascinerende dingen en ik pakte er bijna mijn voice recorder bij om er een opname van te maken en die onder sociae controle op te slaan in onze cultuurfiles, maar ik ben even klaar met de rapportagens en het was wel lekker om gewoon even te kletsen.

Millie wordt een nachtbraker
Alice ook

We hebben heel wat getrommel en geschreeuw gehoord uit het dorp over de bergkam, dus ik denk dat dat ook voorbereiding is voor het toernooi. Ons eigen dorp is ook aan het trainen, met gisteren een grote voetbalwedstrijd. Ik vroeg hoe het met de voetbal ging die ik 6 maanden geleden mee had gebracht en die blijkt op een machete geland te zijn en dus geklapt 😀 We zullen er nog een moeten bestellen, misschien 2. Ik had die ene voor Oscar gekocht, maar on=m de dag kwamen er Kovoljongens vragen of ze hem mochten lenen en op een dag kwam hij niet meer terug. Het was een gemeenschappelijke bal geworden 😀

Ik vroeg aan de jongens hoeveel kans ze dachten te hebben om te winnen. Het antwoord was erg… Kovol. “Als we goed spelen, winnen we. Zo niet, dan niet.”
De timing komt precies goed uit, want wij vertrekken naar Goroka op dezelfde dag dat iedereen vertrekt naar het toernooi. Dat is helemaal prima, want dan voelt niemand zich schuldig dat ze er allemaal vandoor gaan en er niemand overblijft om ons te helpen met de taalstudie!

Kunstwerk in wording

Alice en Millie kletsen de hele tijd over de reis naar Goroka. Millie zegt steeds ‘Dooka, vliegtuig zelf, auto, bega,’ wat zo veel betekent als ‘we gaan in een helikopter, dan mag ik zitten in een eigen stoel in het vliegtuig en dan gaan we in de auto en dan naar Sobega’. Iedere dag zien we ze hun rugtasjes inpakken met speelgoed om mee te nemen naar Goroka 🙂
Niet dat ze het hier niet naar hun zin hebben. Ieder kind heeft pas geleden een rekbare buis gekregen met LEDs erin en als de zon ondergaat, is het tijd om met de lampjes een feestje te bouwen.

De blog van volgende week komt dus uit Goroka. Met al het rapporteerwerk dat nog moet gebeuren, is het geen slecht moment om er even tussenuit te gaan. Ik kan mezelf voorlopig wel bezighouden met mijn Kovol-opnames 🙂

Klaar!
Categorieën: Dutch

0 reacties

Geef een reactie