We zitten nu al drie dagen zonder internet. Toch ben ik een bericht aan het schrijven, dat ik kan plaatsen zodra het internet weer werkt.

Na onze eerste week terug in Kovol, na negen maanden weg te zijn geweest, verbaast het me hoe vertrouwd alles voelt. We voelen ons alsof we thuis zijn.

Voor het grootste deel kan ik zeggen wat ik wil in de Kovol-taal. Het is fijn om te merken dat mijn spreekvaardigheid niet te veel is achteruitgegaan tijdens onze afwezigheid. Kleine gesprekjes gaan zonder problemen, maar ik merk wel dat ik nog moeite heb om diepere ideeën uit te leggen.

Ik had een gesprek met een groep mensen uit een dorp dat twee uur hiervandaan ligt, over de aankomende alfabetiseringscursus. Ze zijn er erg enthousiast over. Ik vond het belangrijk om ze uit te leggen dat zij zelf nog even geduld moeten hebben. Onze eerste klas zal bestaan uit 10 tot 12 studenten uit onze eigen omgeving. De dagelijkse lessen zullen 5 tot 6 maanden duren. Het is niet haalbaar voor mensen die twee uur verderop wonen om elke dag die reis te maken.

Een gat graven voor een paal

We hebben wel een plan voor hen. We gaan enkele van onze afgestudeerden opleiden tot alfabetiseringsdocenten. Tijdens de tweede cursus hopen we dat Kovol-docenten in opleiding naast ons zullen staan, en uiteindelijk zullen de mensen uit ons dorp het onderwijs zelf voortzetten.

Op een soortgelijke manier verwachten we dat uiteindelijk 3 tot 4 studenten uit dat verre dorp bij ons in het dorp zullen verblijven, zullen leren lezen en schrijven, en vervolgens zullen leren hoe ze de cursus zelf kunnen geven. Wanneer er docenten uit hun eigen dorp klaar zijn, kunnen ze een klaslokaal in hun dorp bouwen en zo de alfabetisering naar hun dorp verspreiden.

Ik vergeleek het met een vismethode van hen, waarbij ze een wortel uit de jungle halen met giftig sap erin. Ze slaan op de wortel met stokken en gooien hem in de rivier. In het begin drijft het gif alleen rond de wortel, maar na verloop van tijd verspreidt het zich door het water en doodt het alle vissen. Op dezelfde manier slaan wij nu op onze wortel in dit dorp, en op den duur zal het gif van geletterdheid zich verspreiden en ook hen “doden”…

Op dat moment realiseerde ik me dat de illustratie weliswaar een geleidelijke verspreiding over tijd laat zien, maar dat het eigenlijk een destructief proces is.

Een paal in de grond plaatsen

Ach, het leek in elk geval te communiceren. Het belangrijke punt hier is dat het leek te communiceren. Dit was het moment waarop ik het niet helemaal wist en mijn uitleg in Tok Pisin herhaalde, gewoon om zeker te weten dat ik overkwam zoals ik bedoelde.

Ons dorp is druk bezig met het bouwen van het alfabetiseringslokaal voor de aankomende cursus. Deze week hebben Philip en ik meerdere dagen toezicht gehouden op de bouw. Toezicht, omdat mijn praktische vaardigheden ontbreken en mijn junglekennis ook. Ik zag bijvoorbeeld duidelijk dat de huidige taak was om met een machete de bast van palen te strippen, zodat ze klaar waren om aan het frame van het gebouw te worden toegevoegd. Het lijkt een taak waar ik zomaar een machete zou kunnen pakken en mee kon helpen, maar ik weet zeker dat als ik dat zou doen, iemand me zou wijzen op het feit dat de paal waar ik aan werkte van het verkeerde soort hout was of zoiets.

Ik ben nog steeds onder de indruk van het vermogen van de Kovol-mensen om in de jungle te verdwijnen en vijf minuten later terug te komen met een 6 meter lange paal op hun schouders. Op een gegeven moment hadden ze een steiger nodig, dus verdween er iemand in de struiken en kwam een minuut later terug met een jungleliaan. Ik ben onder de indruk, omdat de keren dat ik zelf op zoek ben gegaan naar junglelianen, ik 15 minuten heb gezocht en met lege handen ben teruggekomen.

Het frame van het klaslokaal staat nu en de palen zijn gezaagd en klaar om als dakspanten te worden gebruikt. De volgende stappen zijn het maken van het dakframe, het afschermen van de zijkanten met bamboe en dan de enorme klus om bladeren te verzamelen en ze te vlechten tot dakbedekking.

Frame bouwen

Het dakdekken voor zo’n pandje is een enorme klus. Het zal dagen kosten om bladeren te verzamelen en dakpanelen aan elkaar te maken. Het resultaat zal grotendeels waterdicht zijn, maar zal een levensduur van ongeveer twee jaar hebben. De zon droogt de bladeren uit en vervolgens rukt de wind ze één voor één weg. Over een jaar zullen er lekken zijn, en na twee jaar zal het dak er slecht aan toe zijn.

We zouden golfplaten kunnen leveren, maar we willen niet verantwoordelijk zijn voor het inhuren van een helikopter om elke keer dat er een nieuw klaslokaal wordt gebouwd, twintig golfplaten aan te voeren.

Ik kijk dan naar wat restjes plasticfolie van de bouw van mijn huis en vraag me af of ik genoeg heb om een laag plastic onder de bladeren te leggen voor extra waterdichtheid. De bladeren hoeven dan niet zo strak geweven te worden (minder bladeren nodig) en dienen vooral om het plastic tegen de zon te beschermen, in plaats van zelf waterdicht te zijn. Een rol plastic leveren is veel eenvoudiger dan twintig golfplaten. Ik ben er nog over aan het nadenken.

Het is belangrijk om goed na te denken wie de eerste studenten zijn. We willen een mix van leeftijden, eerdere leeservaring, geslachten en dialecten. De Kovol-mensen zouden graag een gelijke verdeling per dorp en clan zien. Het kan een onmogelijke opgave zijn om iedereen tevreden te houden met onze keuzes. Tien tot twaalf studenten is ook (met opzet) een kleine klas, zodat elke student veel aandacht van de docent krijgt en dus een grote kans op succes heeft. Een kleine klas betekent wel dat we het overgrote deel van de mensen niet kunnen uitnodigen.

Philip is druk bezig met het nakijken van het alfabetiseringsprogramma dat ik heb gemaakt. Hij wijst de momenten aan waarop de tijden in de verhalen niet kloppen en komt verhalen tegen die voor hem en zijn assistent nergens op slaan. Voor mij en mijn assistent leken ze logisch toen we ze schreven, maar de frisse blik van iemand die niet weet wat het verhaal zou moeten betekenen, is onmisbaar om de leesbaarheid van al die verhalen te verbeteren. Wanneer het programma is nagekeken en definitief is, wordt het beoordeeld door alfabetiseringsconsulenten. Zij controleren zaken zoals de lettergreep-tabellen per les, om er zeker van te zijn dat we per les de juiste lettergrepen aanleren. Daarna gaat het naar de drukkerij, en als het weer meewerkt, kan de helikopter de gedrukte materialen leveren, klaar voor de eerste studenten.

Het voelt wel alsof we niet knallend, maar fluisterend beginnen. Na onze eindeloze taalstudie is de opwinding groot, omdat de “school” dan toch eindelijk gaat beginnen. Onze focus ligt op de lange termijn, niet op hype en snel resultaat, en daarom schaam ik me toch een beetje op moment. Na al het werk dat ik jarenlang heb verzet, zal het eerste resultaat van ons werk in Kovol binnenkort zichtbaar worden, en het zal niet groot zijn. Als de Heer het wil, zal het groeien en standhouden. Intussen moet ik mezelf eraan herinneren tevreden te zijn met wat de Heer mij heeft gegeven om te doen.

Ik ben hier niet de superheld die levens verandert, het onderwijs revolutioneert en een gouden tijdperk inluidt. Mijn trots kan er onbewust toe leiden dat ik denk dat ik de redder en held hier ben en dat ik waardering verdien. Ik denk dat mijn schaamte over hoe langzaam het alfabetiseringsprogramma begint daar vandaan komt.

Ik moet mezelf blijven voorhouden dat ik niet meer dan een paar broden en vissen breng – niet genoeg voor een grote menigte. Maar ik dien een God die het kan vermenigvuldigen op een manier die de aandacht op Hem vestigt, en niet op mij.


0 reacties

Geef een reactie